Omstreeks 2012 kregen we van de Zwolse Historische Verenging toestemming om het onderstaand artikel van Wim Huiijsmans dat was verschenen in het 1e Zwolse Historisch Tijdschrift van 2011 te publiceren op wijthmen.nl

Door de wijziging van deze website was dit prachtige artikel op een zijspoor geraakt, hieronder het artikel opnieuw.

 Klik hier voor de link naar de website van de Historische Vereniging Zwolle


Rond de Wijthmenerplas

De titel van dit artikel kwam al hardlopend bij me op. In eerste instantie is het misschien wat vaag. Duidelijker wordt het als ik zeg dat het om hardlopen gaat en om de geschiedenis van de plek waar ik hardloop. Nou hard loop, joggen is misschien een betere benaming, de snelheid is er wel een beetje uit maar ik wil het best nog tegen een leeftijdgenoot opnemen. Een wedstrijdloper ben ik overigens nooit geweest. Ik doe het enkel en alleen voor mijn plezier en om een beetje in conditie te blijven.

Running on history: Wim Huijsmans kwam al hardlopend op de titel van dit artikel. Hier zien we hem in actie bij de Wijthmenerplas (Foto Jan van de Wetering)

Running on history: Wim Huijsmans kwam al hardlopend op de titel van dit artikel. Hier zien we hem in actie bij de Wijthmenerplas (Foto Jan van de Wetering)

Ik heb zo mijn vaste plekken om hard te lopen, zoals vlak bij huis over de IJsseldijk richting Engelse Werk of het Kleine Veer of iets verder weg bij De Horte tussen Wijthmen en Dalfsen, op de Lemelerberg, in het Zwolse Bos bij Heerde, in de Zwarte Dennen bij Staphorst of op vrijdagmiddag in de Staatsbossen bij Ruinen. Daar staat bij Roel en Sasha aan de Postweg de deur altijd gastvrij open als ik zomers op de motor arriveer om mij daar om te kleden en na afloop te douchen. Ook een paar rondjes om de Wijthmenerplas is bij mij favoriet. Hoe ik door de geschiedenis van die plek ren, komt hierna aan de orde

Wijthmenerplas

De Wijthmenerplas ligt ten zuidoosten van Zwolle, niet ver van de weg van Zwolle naar Heino. Het gebied  is ongeveer vijftig ha. groot, waarvan de plas 22 ha. inneemt. Aanvankelijk waren het weilanden waar vee liep te grazen. De firma Van Ossel uit Zoetermeer kocht in 1964 een aantal percelen grasland om zand te winnen, met de bedoeling om er op den duur een recreatieterrein aan te leggen met allerlei attracties. Op die voorwaarde kreeg Van Ossel een ontgrondingsvergunning. Hij had op andere plaatsen in Nederland ook met dit bijltje gehakt. Zo ontstond een kolk of zandput. Men begon aan de oostkant van de huidige plas te graven. Het zand werd gebruikt voor de aanleg van wegen rondom Zwolle en het ophogen van wijken, zoals de Aa-landen.

Een van de Fietstoegangen van de Wijthmenerplas (Foto Jan van de Wetering)

Een van de Fietstoegangen van de Wijthmenerplas (Foto Jan van de Wetering)

In juni 1964 ging men met de zandwinning van start. In de eerste week was er meteen al een aanvaring met Rijkswaterstaat. De zware met zand beladen vrachtauto’s reden namelijk vanuit het zandpad (nu Hoekserfpad), dat tegenover café De Zon uitkwam, de weg Zwolle-Almelo op met alle risico’s van dien. Er was toen nog geen parallelweg. Na een week zette Rijkswaterstaat een slagboom voor het zandpad zodat de chauffeurs niet meer de weg konden opdraaien. De chauffeurs van Van Ossel stoorden zich daar niet aan. Ze negeerden met hun zware wagens het verbod en reden de slagoom omver. De politie kwam er aan te pas. Er volgde overleg. Slot van het liedje was dat er een nieuwe uitrit kwam, maar wel naar de Erfgenamenweg. Een directiekeet diende in het begin als kantoortje en schaftruimte voor de chauffeurs, een verlaten boerderij als berg- en opslagruimte.

De Wijthmenerplas op de kaart van Zwolle (Particuliere collectie)

De Wijthmenerplas op de kaart van Zwolle (Particuliere collectie)

In 1967 kwam ‘Zandbedrijf Wijthmen’ zoals het was gaan heten, in andere handen. Lokin uit Heino en de gebroeders Tielbeke uit Lemelerveld namen het bedrijf over. Volgens een advertentie in de Zwolse Courant was levering mogelijk van metselzand, betonzand, vulzand (gebruikt voor ophoging) en grind in elke gewenste hoeveelheid. De zandput werd in de zomer ook spoedig ontdekt als plas om in te zwemmen, in het begin vooral door mensen uit de buurt. Naarmate de plas groter werd, nam de toeloop van zwemmers en recreanten toe. De plas bij Wijthmen werd een alternatief voor de Agnietenplas. Het gemeentebestuur van Zwolle was daar niet gelukkig mee. Bij mooi weer werd geregeld gewaarschuwd voor de onbetrouwbaarheid van het water in de ‘kolk’ bij Wijthmen.

"Herften" en "Salne" in de Hottingeratlas, omstreeks 1785. In het gebied rechtsboven Boschwijk ligt nu de Wijthmenerplas. (Collectie HCO)

“Herften” en “Salne” in de Hottingeratlas, omstreeks 1785. In het gebied rechtsboven Boschwijk ligt nu de Wijthmenerplas. (Collectie HCO)

Ondertussen was Lokin teruggetreden. De Tielbeke’s zetten het bedrijf voort. In 1974 werd de miljoenste kubieke meter zand afgevoerd. Het bedrijf was toen behoorlijk gemoderniseerd. De bedrijfsactiviteiten en opstallen waren naar de westzijde van de plas verplaatst. Daar zorgde een zandwas- en doseerinstallatie voor de verdeling van het zand in verschillende soorten. De plas werd naar de west- en oostzijde uitgebreid. De ontgrondingsvergunning stond toe te zuigen tot een diepte van circa twintig meter. Eind jaren zeventig was deze diepte bereikt. Verdere uitbreiding op de bestaande plek was in verband met de natuurwaarden en het landschap niet mogelijk. De zandwinning was toen al verplaatst naar Haarst. De put van Sanders vormde de nieuwe locatie.

Drukte bij de Wijthmenerplas, duizenden mensen verpozen zich in en bij het water, 30 juni 1986 (Collectie HCO, Redactiearchief Zwolse Courant, foto Aart Vos)

Drukte bij de Wijthmenerplas, duizenden mensen verpozen zich in en bij het water, 30 juni 1986 (Collectie HCO, Redactiearchief Zwolse Courant, foto Aart Vos)

De recreatieve betekenis van de plas nam in de loop der jaren toe. Op zomerse dagen kwamen duizenden mensen naar Wijthmen om zich te verpozen in en bij het water. De gemeente Zwolle kocht in februari 1979 de plas aan. In overleg met Plaatselijk Belang Wijthmen werd door het recreatieschap West-Overijssel, die de gemeente Zwolle als eigenaar was opgevolgd, een plan opgesteld om de plas geschikt te maken voor dagrecreatie. Ook andere belanghebbenden werden bij de plannen betrokken, zoals sportvissers en duikers. De windsurfvereniging ‘Kantje Board’ liet ook haar stem horen. Na lang gepraat en veel overleg werd in oktober 1981 met de aanleg begonnen. De kosten bedroegen vijftien miljoen gulden. De aanleg, die in fasen werd uitgevoerd, was in oktober 1991 voltooid. De kwaliteit van het zwemwater was uitstekend, alleen bij lange warmteperiodes werd het water soms verontreinigd door blauwe algen. Naarmate de voorzieningen rond de plas toenamen en Zwolle-Zuid meer bebouwd raakte, nam het aantal dagrecreanten toe. Ook van ver buiten Zwolle zoekt men nu op warme dagen de Wijthmenerplas op.

Tot 2005 was de plas in handen van de Regio IJssel-Vecht. In dat jaar werden de recreatie-objecten afgestoten. De gemeente Zwolle, die al met het dagelijkse beheer en toezicht was belast, kwam opnieuw in het bezit van de plas. De Wijthmenerplas is nu een van de drie recreatieterreinen binnen de gemeente. De overige twee zijn de Agnietenplas en de Milligerplas. In en bij de Wijthmenerplas kan men ondermeer zwemmen, zonnen, vissen, duiken, picknicken, barbecuen, wandelen en hardlopen. Op het strand staan wat speelattributen voor kleine kinderen. Zomers worden netten gespannen om te beachvolleyballen.

Brommerraces bij de Wijthmenerplas, 18 september 1993. (Collectie HCO Redactiearchief Zwolse Corant)

Brommerraces bij de Wijthmenerplas, 18 september 1993. (Collectie HCO Redactiearchief Zwolse Courant)

Gemiddeld komen er per seizoen 300.000 watergebonden recreanten, zoals dat in ambtelijke nota’s heet. Buiten het zomerseizoen vinden er andere activiteiten plaats, zoals bij voorbeeld vijftig cc brommerraces en dancefestivals. Het terrein is uitsluitend bedoeld voor dagrecreatie, hoewel er in de avond- en nachtelijke uren – zeker na een warme zomerse dag – ook wel eens wat ‘recreatiefs’ gebeurt. De politie en een nachtveiligheidsdienst houden een oogje in het zeil.

 

’t Gagel

Meestal kom ik met de auto of de fiets naar de plas. Ik passeer daarbij de ingang naar de golfclub Zwolle, ook wel golfclub ’t Gagel genaamd. Deze naam is ontleend aan de vroegere naam van dit gebied. Gagel is een struik die bloeit met katjes. De struik kwam vooral voor op weilanden die ’s winters onder water liepen. De weteringen, die door dit gebied liepen en zorgden voor de afvoer van het overtollige regenwater uit Salland, zetten de weilanden in dit gebied regelmatig onder water. Het terrein van de golfclub werd in de jaren negentig aangelegd. In 1995 beschikte de Zwolse golfclub over negen holes. Omdat er geen officiële wedstrijden konden worden gehouden, werd na veel hindernissen en inspanningen uiteindelijk toch toestemming gekregen om het terrein uit te breiden tot achttien holes. Vanaf 2005 beschikt de golfclub Zwolle over een fraai clubhuis en over een prachtig golfterrein op een schitterende locatie, waar het goed toeven is.

Rek- eb strekoefeningen in het mulle zand bij de Wijthmenerplas. (Foto Jan van de Wetering)

Rek- en strekoefeningen in het mulle zand bij de Wijthmenerplas. (Foto Jan van de Wetering)

Bij de entree van de Wijthmenerplas tegenover het beheerscentrum is een skeelerbaan aangelegd. Aanvankelijk werd er druk gebruik van gemaakt. Het lijkt erop dat de animo voor het skeeleren aan het afnemen is.

 

Start

Ik begin te lopen vanaf het parkeerterrein. Ik volg het fietspad in noordelijke richting. Dit fietspad maakt deel uit van Rondje Zwolle. Ik zie het punt waar de Emmer Tochtsloot in de Herfter wetering uitmondt. Beide sloten zorgden er vroeger voor dat het gebied nog al eens onder water kwam te staan, omdat ze het overtollige water niet snel genoeg konden afvoeren. De golfers hebben nu geen last meer van het water of het moet zijn dat hun golfbal in een sloot terechtkomt. Wat nogal eens gebeurt. De dam overstekend kom ik op het terrein van de golfclub. Oorspronkelijk was het terrein drassig en hier en daar wat golvend. Bij de aanleg van het golfterrein zijn elementen uit het landschap zo veel mogelijk gehandhaafd. In westelijke richting valt Selhorst te zien, de eeuwenoude locatie van de boerderij van Hutten die op een hoogte (=horst) gebouwd is. Zijn koeien vonden de golfballetjes niet zo smakelijk.

Ik vervolg mijn route tot aan de Valkenbergweg. Deze weg heet nog niet zo lang zo en ik ben daar debet aan. Aanvankelijk was de benaming Erfgenamenweg. De weg dankt zijn naam aan het feit dat ze aan de eigenaren in de marke van Wijthmen en Herfte toebehoorde. Een marke was een typisch Oost-Nederlands fenomeen. Onder een marke verstaat men een groot,  gemeenschappelijk, onverdeeld grondgebied. De marken werden in de negentiende eeuw opgeheven. Hier en daar bleven kleine stukjes grond en bos onverdeeld. Daar was geen belangstelling voor. Dat gold ook voor  wegen en watergangen. Voor de verdeling van de marke was het onderhoud ervan voor gemeenschappelijke rekening. Na de verdeling van de marke kwam het onderhoud in handen van de gemeente en het waterschap. Personen die samen eigenaar van een marke waren, werden markegenoten of erfgenamen genoemd. Vandaar de naam Erfgenamenweg.

De splitsing tussen de Erfgenamenweg en de Valkenbergweg. Op de achtergrond de katholieke kerk van Wijthmen. (Foto Jan van de Wetering)

De splitsing tussen de Erfgenamenweg en de Valkenbergweg. Op de achtergrond de katholieke kerk van Wijthmen. (Foto Jan van de Wetering)

Omdat de loop van de weg onduidelijk was – een deel was geasfalteerd en een ander deel was zandweg – is de weg qua naam in tweeën geknipt. Het westelijk stuk van deze weg tot aan de Herfterlaan kreeg de naam Valkenbergweg, zo genoemd naar de boerderij op nr. 2, vlak bij het spoor, de rest van de weg bleef Erfgenamenweg heten. Het is al weer enige tijd geleden dat ik aan de straatnamencommissie de suggestie gedaan heb te kiezen voor Valkenbergweg. Het college van B en W heeft mijn suggestie opgevolgd.

Met een knipoog naar het bord vervolg ik mijn route in de richting van Wijthmen. Over de Emmer Tochtsloot begint het Erfgenamenbos. Ook dit bos dankt zijn naam aan de vroegere marke. Aan de linkerkant staat – voordat ik het Erfgenamenbos verlaat en aan de rechterkant weer de Wijthmenerplas kan zien – een onder architectuur gebouwd zomerhuis. Alleen als het blad van de bomen is, valt het huis vanaf de weg te zien. Ik vervolg mijn route. Rechts in het weiland lopen koeien van een niet-Nederlands ras te grazen. Met hun grote loense ogen kijken ze me meewarig aan. Terwijl zij rustig achter elkaar sjokken, vragen ze zich misschien wel af waarom ik mij zo druk maak. Ik vraag me af of dit nu Blonde d’Aquitaines zijn en of daarom blondjes zo dom heten te zijn. Hardlopen maakt je hoofd leeg maar doet soms ook de meest gekke gedachten of associaties opkomen.

Ik jog verder. Het oorspronkelijke terrein, waarin kleine verhogingen of belten voorkwamen, blijkt uit de naam van een van de huizen aan de Valkenbergweg. Die is getooid met de naam Poppenbeld (sic). Ik vervolg mijn route. Steevast kondigen honden bij de volgende huizen mijn komst aan. Blaffende honden bijten niet. Onverveerd loop ik verder, bij dit woord aan het Wilhelmus denkend. Ik kom bij het Hoekserfpad. Ook deze naam heb ik gesuggereerd vanwege een boerderij met de naam Hoeks-erve. In archiefstukken werd deze boer ook wel aangeduid als de boer in het Hoekje. In de verste verte is deze boer een voorouder van mij.

Ik passeer de school. Het gebouw is verlaten  De kinderen krijgen nu verderop aan de Erfgenamenweg les in het Kulturhus, in 2007 geopend door Erica Terpstra. Naast de oude school staat de katholieke kerk, gewijd aan Onze-Lieve-Vrouwe van Altijddurende Bijstand, waarvan de eerste steen in 1950 werd gelegd. Vroeger kon je daar zo naar binnen lopen om een kaarsje op te steken. De godsdienstleraar van mijn middelbare school was hier pastoor. Nu is de kerk alleen maar open als er diensten zijn. Voor 1950 kerkten de katholieke inwoners van Wijthmen in Hoonhorst of gingen in Zwolle naar de St. Michaël in de Roggenstraat. Omdat de nieuwe kerk zowel voor inwoners van Wijthmen als Herfte bedoeld was, werd de kerk ver buiten Wijthmen gebouwd, maar wel tussen Wijthmen en Herfte in, zodat de afstand voor de verst afwonende kerkgangers ongeveer gelijk was. Een andere reden van de excentrische ligging ten opzichte van het dorp Wijthmen was de beschikbaarheid van grond op deze plek.

GHN_IMG_0009

Betonnen toiletgebouw bij de Wijthmenerplas. (Foto Jan van de Wetering)

 

Het Hoekserfpad vervolgend zie ik spoedig een betonnen toiletgebouw. De twee toiletgebouwen op het terrein van de Wijthmenerplas doen mij steeds denken aan de kubuswoningen van Piet Blom in Rotterdam. De gebouwen zijn op een markante wijze vorm gegeven, functioneel en door hun constructie vandalismeproof.

 

Ongeklede recreatie

Ik vervolg mijn route over het grasveld waar het op zomerse dagen een drukte van belang is. Na het hek passeer ik een bord met de aanduiding dat vanaf daar ongeklede recreatie is toegestaan. Het had heel wat voeten in de aarde voordat dit terreintje werd gerealiseerd. In 1982 was men volop bezig met de aanleg en inrichting van de plas tot dagrecreatie.

GHN_IMG_0010

Het stukje strand waar ‘ongeklede recreatie’ is toegestaan, is duidelijk met borden aangergeven. (Foto Jan van de Wetering)

GHN_IMG_0011

‘Ongeklede recreatie’, 1983. (Collectie HCO, Redactiearchief Zwolse Courant, foto Frans Paalman)

Om van het ene deel van het gebied naar het andere deel te komen werd een brug aangelegd, vanaf een soort schiereilandje aan de westelijke kant van de plas naar het oostelijk deel. Op de punt van dit eilandje ontstond omstreeks 1980 een naaktstrandje. Vooral mensen die graag uit de kleren gingen en veelal lid waren van de Zwolse naturisten zwemvereniging ‘Niks Um ’t Lief’ hadden bezit genomen van deze plek. Al bestond die term nog niet, naaktrecreatie werd op de punt van dit schiereilandje gedoogd. Niemand had er last van; het lag immers meters af van de locaties waar geklede badgasten recreëerden of te water gingen. Dat werd anders toen een brug werd aangelegd om zo de loopafstand tussen het oostelijk en westelijk deel van het gebied te verkleinen. Het duurde niet lang of er kwamen klachten over naaktrecreanten, van wie men vond dat zij de goede zeden aan hun laars lapten, voor zover daar sprake van kan zijn bij naaktrecreanten… Ook de politiek bemoeide zich met deze affaire. Het Gereformeerd Politiek Verbond (GPV) liet bij monde van Van Herwijnen in de gemeenteraad weten dat foutparkeerders bij de Wijthmenerplas wel door de politie op de bon geslingerd werden, maar naaktrecreanten niet, terwijl naaktrecreatie toch in strijd was met de Algemene Politie Verordening (APV). Het gemeentebestuur nam op korte termijn maatregelen. In 1983 werd paragraaf 9 van de APV aangevuld. Men mocht zich niet ongekleed of op aanstootgevende wijze bevinden op voor het publiek toegankelijk plaatsen. Maar er gold voortaan een uitzondering voor een stukje strand aan de oostzijde van de Wijthmenerplas, dat duidelijk met borden werd aangegeven. Overigens is dit stukje textielloos strand nooit door een lid van het college van B en W officieel geopend of in gebruik gesteld.

Door de publiciteit rond het naaktstrandje trok het in het begin veel bekijks. De jonge struikjes rond het terrein, waar een fietspad langs liep, lieten niets aan duidelijkheid te wensen over waar de plaats van het naaktstrandje was. Van lieverlee kwamen er steeds meer recreanten naar het ‘ongeklede’ strand. Er was geen lawaai en het was er schoner. Er werd geen troep achtergelaten. Bijkans raakte het strandje op zonnige dagen overbevolkt. Rond de eeuwwisseling werd het ten koste van het ‘gewone’ strand uitgebreid.

GHN_IMG_0013

In de levensavond genietend van de avondschemering aan de Wijthmenerplas, circa 1978. (Particuliere collectie)

Wanneer het te warm is om te joggen, fiets ik naar de Wijthmenerplas om verkoeling te zoeken. Net als bij het hardlopen ben ik ook in het water een ‘dieseltje’. Ik zwem in een rustig tempo grote afstanden, zo mogelijk op korte afstand van de oever de hele plas rond. Op een bepaalde plek heb ik al enkele jaren ijsvogels gezien die, op een takje vlak boven het water zittend, niet verwachten dat er een zwemmer voorbij komt. Ze verraden zich door hun prachtige kleuren. Hun blauwe vleugeltjes steken schril af tegen de groene bladeren. In het voorjaar word ik steeds getroffen door de moederlijke zorg van de fuut, die de jonge fuutjes op haar rug vervoert als ze moe worden. Geweldig geschrokken ben ik ooit eens van een grote schildpad die al dobberend in het water lag te genieten van de zon, waarschijnlijk gedumpt door iemand die genoeg had van dit huisdier. Of het beestje de winter overleefd heeft, waag ik te betwijfelen. En over winters gesproken, het is al geruime tijd geleden dat ik op de Wijthmenerplas geschaatst heb. Bij strenge winters vriest de plas dicht. Het biedt schaatsers een onmetelijke ijsvlakte en duikers ongeëvenaarde mogelijkheden om ook eens onder ijs te duiken

Beter met Bos

Aan de oostzijde van het Hoekserfpad is de gemeente Zwolle vanaf de eeuwwisseling begonnen met de aanleg van een bos met recreatieve voorzieningen nadat het land van de boeren was aangekocht. Het gebied ligt tussen de Erfgenamenweg en de Heinoseweg en strekt zich uit tot aan de bebouwde kom van Wijthmen. Het sluit aan op de Wijthmenerplas. In het nieuwe bos worden buitenplaatsen gebouwd. De kavels zijn gemiddeld 5.000 m2 groot. Het was de bedoeling dat de buitenplaatsen primair de economische dragers zouden vormen voor de totale ontwikkeling van dit gebied. De verkoop van de kavels verliep echter minder snel dan men gehoopt had.

Vanaf het Hoekserfpad is te zien hoe op korte afstand van het bestaande bos drie grote woningen uit de grond worden gestampt. Een rechte laan met jonge bomen leidt naar de te bouwen huizen. Het nieuw aangelegde recreatiegebied wordt doorkruist met lanen, wandel- en ruiterpaden. Er staan al een aantal riante optrekjes in het parkachtige landschap.

Veldwijk

Tegenover de ‘nieuwe’ laan vervolg ik mijn route in westelijke richting. Ik kom dan weer op het fietspad dat deel uitmaakt van Rondje Zwolle. Het zal de meeste fietsers en wandelaars  ontgaan dat deze laan, evenals de andere lanen die hier vlak bij liggen, deel hebben uitgemaakt van het lanenstelsel dat vroeger bij de buitenplaats Veldwijk hoorde.

Vanaf Zwolle gezien waren er drie buitenplaatsen met het achtervoegsel -wijk. Op de hoek van de Kuyerhuislaan en Heinoseweg lag en ligt Landwijk, even verderop, eveneens aan de Heinoseweg, Boschwijk waar Rhijnvis Feith gewoond heeft. Bij de (huidige) Wijthmenerplas lag de buitenplaats Veldwijk, die in het midden van de negentiende eeuw werd omschreven als een ‘logeabel heerenhuis met daarbij staande schuur, stalling en hooiberg en de daarbij gelegen spatieusen tuin, waarin ruim 150 exquise vruchtbomen met daarbij behorende wandeling.’ GHN_IMG_0014Met een wandeling werd de parkachtige tuin met lanen bedoeld. Het huis werd kort na 1850 om onduidelijke redenen afgebroken. Op de plek van de buitenplaats kwam een boerderij te staan. De lanen die bij het oorspronkelijk huis behoorden, vormen nu een wandelgebiedje. De lanen omsluiten een aantal kleine weilandjes

Het fietspad vervolgend jog ik langs de wetering. Ik passeer het beheerscentrum en kom weer bij de parkeerplaats uit. Afhankelijk van mijn animo loop ik nogmaals hetzelfde rondje of ik loop over het gras om de plas. Moe en voldaan rij ik daarna naar huis. Onder de douche spoel ik het stof van archiefstukken en het zweet van mij af. Het geeft mij een goed gevoel en een kick: running on history, ook als dat verleden nog niet zo ver achter ons ligt…