13. Bestuurlijke veranderingen

Nadat in december 1794 de Franse revolutionaire troepen ons land waren binnengevallen, kwam een ingrijpende verandering van het politieke, bestuurlijke en administratieve bestel van de voormalige Republiek der Zeven Verenigde Provincien op gang. De omwenteling die de komst van de Bataafse Republiek met zich meebracht, ging ook aan de ingezetenen van Zwollerkerspel en Wijthmen niet onopgemerkt voorbij. Een van de gevolgen was dat de bewoners van het platteland voor het eerst een zekere mate van zelfbestuur kregen. Na de komst van de Fransen hadden de ingezetenen van het kerspel, zoals de Zwolse municipaliteit in juli 1799 berichtte, ‘zich zelven, zoo veel hun doenlijk, van alle beheering deezer stad afgescheiden, en een eigen onafhankelijk bewind van zaaken onder zich geintroduceerd […].’ Bij de bestuursregeling van oktober 1802 werd Zwollerkerspel een zelfstandige bestuurseenheid onder leiding van een door de landsregering benoemde amptman van het schoutampt en een college van zeven gecommitteerden. In 1811 werd een nog ingrijpender vernieuwing van het lokale bestuur doorgevoerd. Als gevolg van de inlijving van het Koninkrijk Holland bij het Franse keizerrijk werden op 1 maart 1811 de Franse wetten in Nederland van kracht. In plaats van de schoutambten werden gemeenten ingevoerd. Bestuur en rechtspraak werden gescheiden. De leiding van een gemeente kwam in handen van een burgemeester, die werd bijgestaan door een gemeenteraad. Deze bestuursregeling werd na het vertrek van de Fransen door het in 1814 gevormde Koninkrijk der Nederlanden vrijwel ongewijzigd overgenomen. Voor het dagelijks leven van de ruim 3.500 kerspelbewoners had de verzelfstandiging weinig consequenties. Wegens het ontbreken van een centrale kern bleven zij voor de voorziening van veel van hun behoeften op de stad aangewezen. Ook het gemeentehuis van Zwollerkerspel was binnen de muren van Zwolle gevestigd. Zwollerkerspel bleef een zelfstandige gemeente tot 1 augustus 1967, toen het werd samengevoegd met Zwolle. Door het opheffen van Zwollerkerspel kreeg Zwolle de gelegenheid om zich onbelemmerd te kunnen ontplooien. Dat betekende dat er in het buitengebied nieuwbouwwijken en industrieterreinen werden aangelegd.